Ritueel van de 11de Yule-Nacht – Afstemmen en Vooruitzichten
Het was stil in huis. De avond viel als een zachte sluier over het landschap, en in de kamer brandde een kaarsje dat zijn warme gloed uitstrekte over het houten tafeltje. Daar zat ze, met haar schriftje en een stapeltje kleine papiertjes, mijmerend over het voorbije jaar.
Ze had veel beleefd. Er waren momenten geweest van verwarring, van verdriet dat zich als een mist om haar hart had gelegd. Situaties waarin woorden tekortschoten, waarin ze zich alleen had gevoeld, zoekend naar houvast. Maar er waren ook andere momenten — van helderheid, van onverwachte ontmoetingen, van innerlijke groei. Ervaringen die haar dichter bij zichzelf hadden gebracht, alsof een sluier was opgelicht en ze haar eigen kern weer kon zien.
Met een potlood in de hand schreef ze op wat haar te binnen schoot. Elk papiertje kreeg een woord, een zin, een herinnering. Dingen die haar hadden geraakt, maar die ze niet langer mee wilde dragen. Ze vouwde de papiertjes zorgvuldig op, alsof ze elk stukje met respect wilde loslaten.
In haar speciale schriftje schreef ze iets anders. Geen afscheid, maar vooruitzichten en die keek ze innerlijk glimlachend aan. Voor haar waren dat geen spectaculaire dingen.
Woorden van hoop, beelden van wat ze wilde uitnodigen in het nieuwe jaar. Ze schreef over vertrouwen, over creativiteit, over het verlangen om nog meer in afstemming te leven met haar innerlijke ritme.
Toen ze klaar was, trok ze haar warme jas, sjaal en handschoenen aan en ging naar buiten. De lucht was nog helder, de sterren begonnen te verschijnen. In een kleine schaal legde ze de gevouwen papiertjes neer. Ze stak ze aan, één voor één, en keek hoe de vlammen ze verteerden. De rook steeg op in spiralen, als gebeden die hun weg vonden naar de hemel.
Ze voelde geen verdriet, maar een diepe rust. Een engel leek naast haar te staan, licht en transparant, als een fluistering van vertrouwen. Ze glimlachte. Alles wat haar niet meer diende was nu teruggegeven aan het vuur. Wat bleef, was ruimte — voor het nieuwe, voor het onverwachte, voor het gezegende.
Dankbaar en met een licht gevoel keerde ze terug naar haar huisje.
✨ Reflectievragen – 11de Yule-Nacht
🌫️ Wat mag ik loslaten?
- Welke gebeurtenis uit het voorbije jaar blijft nog aan me trekken?
- Is er iemand die ik nog niet helemaal heb vergeven — inclusief mezelf?
- Welk oud patroon of overtuiging dient mij niet meer?
- Wat wil ik niet meenemen naar het nieuwe jaar?
🌟 Wat heeft mij gevormd?
- Welke ervaring bracht mij dichter bij mijn kern?
- Wanneer voelde ik me gedragen, ondanks moeilijkheden?
- Wat heb ik geleerd over mijn kracht, mijn kwetsbaarheid, mijn waarheid?
- Welke ontmoeting of inzicht wil ik koesteren?
🌱 Wat wil ik uitnodigen?
- Wat verlang ik diep vanbinnen voor het komende jaar?
- Welke kwaliteit wil ik meer ruimte geven in mijn leven?
- Wat mag groeien in mijn werk, mijn relaties, mijn innerlijke wereld?
- Als ik één woord zou kiezen als kompas voor het nieuwe jaar — welk woord is dat?
🔥 Ritueelvragen bij het vuur
- Wat wil ik symbolisch verbranden — met liefde en respect?
- Kan ik het loslaten zonder oordeel, als een blad dat valt in de winter?
- Wat blijft er over als ik alles wat niet meer dient heb teruggegeven aan de vlam?
Stille Meditatie – Afstemmen en Vooruitzichten

Ga rustig zitten. Laat je adem vanzelf komen en gaan. Voel hoe de kamer stil wordt, alsof de tijd even vertraagt
Stel je voor dat je innerlijk heel zacht het gebaar maakt van Ik ben in God: een wijde, open ruimte om je heen, alsof een blauwe omhulling je draagt.
Je hoeft niets te doen. Alleen voelen hoe je opgenomen bent in iets groters, iets dat je kent, iets dat je al heel je leven begeleidt.
Laat de gebeurtenissen van het voorbije jaar langzaam naar boven komen. Niet om ze vast te houden, maar om ze te erkennen. De momenten van verwarring. De woorden die pijn deden. De stiltes die zwaar waren. De dagen waarop je jezelf even kwijt was.
Laat ze verschijnen in die wijde, blauwe ruimte. Je hoeft niets op te lossen. Alleen zien. Alleen ademen.
Dan voel je in jezelf een zacht, warm licht. Een geel centrum dat niet brandt, maar gloeit. Het is je eigen kern, je eigen waarheid.
Hier verschijnen de andere momenten van het jaar: de inzichten, de onverwachte steun, de kleine wondertjes die je dichter bij jezelf brachten. De momenten waarop je voelde: dit ben ik. Laat ze binnenkomen. Laat ze je hart vullen.
Nu verschuift de beweging naar binnen, zoals in In mij is God: een koesterend gebaar rond je hart, een blauwe rust die je omhult vanbinnen.
In die rust verschijnt een vraag, heel zacht: Waar reik ik naar uit? Niet als plan, maar als innerlijke richting. Een kwaliteit. Een woord. Een verlangen dat klopt met wie je geworden bent.
Laat dat woord oplichten in je hart. Koester het. Bescherm het. Het is een zaadje voor het nieuwe jaar.
Stel je voor dat je de papiertjes met oude lasten in je handen houdt. Je kijkt ernaar zonder oordeel. Je buigt licht, als in een gebaar van respect. En dan geef je ze aan het vuur.
Zie hoe ze oplichten, krullen, oplossen. Hoe de rook opstijgt als een fluistering naar de sterren. Hoe het oude terugkeert naar het grote geheel.
Je voelt ruimte ontstaan. Ruimte om te ademen. Ruimte om te leven.
Naast je verschijnt een engel, licht en transparant, zoals in je tekening. Geen woorden, alleen aanwezigheid. Een zachte bevestiging:
Je bent gedragen. Je bent geleid. Je mag verder gaan.
Blijf nog even in die stilte. Laat de nacht je omhullen. Laat het nieuwe jaar zich al zachtjes aandienen.