Geplaatst op

Het Etherische in dienst van het uiterlijke praktische leven stellen

Dat Rudolf Steiner een visionair was, heel ver vooruit kon schouwen, daar hoeven we, als we ons verdiepen in zijn omvangrijk oeuvre, niet meer over te twijfelen. Een heel ver vooruitziende blik uit zijn omvangrijk oeuvre:

“Ik wil nogmaals benadrukken dat het wezenlijke voor de mensheid in deze vijfde na-Atlantische periode is: een bijzondere benadering van de grote levensvragen, die op een bepaalde manier zijn verduisterd door de wijsheid van het verleden. Ik heb dit reeds eerder onder uw aandacht gebracht.

Een van die grote levensvragen kan als volgt worden gekarakteriseerd: er zal een poging moeten worden ondernomen om het geestelijk etherische in dienst te stellen van het uiterlijke praktische leven. Ik heb erop gewezen dat deze vijfde na-Atlantische periode het probleem zal moeten oplossen hoe menselijke stemmingen, de bewegingen van menselijke gemoedstoestanden, zich kunnen laten vertalen in golfbewegingen op machines — hoe de mens in verbinding moet worden gebracht met wat steeds mechanischer zal worden.

Daarom heb ik u vorige week gewezen op hoe oppervlakkig deze mechanisering door een bepaald deel van de wereld zal worden aanvaard. Ik gaf een voorbeeld van hoe, volgens de Amerikaanse denkwijze, een poging werd gedaan om het mechanische uit te breiden tot in het menselijk leven zelf. Ik noemde het voorbeeld van pauzes die moesten worden benut, zodat — in plaats van veel minder — tot vijftig ton kon worden geladen door een aantal arbeiders. Hiervoor hoeft men slechts het darwinistische principe van selectie daadwerkelijk in het leven toe te passen.

In zulke situaties is er de wil om menselijke energie te koppelen aan mechanische energie. Deze zaken moeten niet bestreden worden — dat is een volledig verkeerde opvatting. Ze zullen zich onvermijdelijk voordoen; ze komen. Waar het om gaat, is of ze — in de loop van de wereldgeschiedenis — worden toevertrouwd aan mensen die op een onbaatzuchtige manier vertrouwd zijn met de grote doelen van de aardse evolutie en die deze zaken vormgeven ten bate van de gezondheid van de mens, of dat ze worden uitgevoerd door groepen mensen die ze uitbuiten op een egoïstische of groeps-egoïstische manier.

Dat is wat telt. Het gaat hier niet om het wat — dat zal zeker komen. Het gaat om het hoe, hoe men deze situaties benadert. Het wat ligt eenvoudigweg besloten in de betekenis van de aardse evolutie. Het samensmeden van de menselijke natuur met de mechanische natuur zal een vraagstuk van grote betekenis zijn voor het verdere verloop van de aardse ontwikkeling.”

Reappearance of Christ in the Etheric, Chapter 12, Individual Spirit Beings and the Undivided Foundation of the World: Part 3, 25Nov1917, GA 178

https://rsarchive.org/Lectures/ReapChrist/19171125p01.html