De psoas is geen exclusieve vrouwenspier — het is een mensenspier
In lichaamswerk wordt vaak gesproken over landen in het bekken, zakken in het bekken, verbinden met het bekken. En opvallend genoeg wordt dat bijna altijd richting vrouwen geformuleerd — alsof het bekken een exclusief vrouwelijk domein is. Maar laten we beginnen bij de basis: mannen hebben óók een bekken. Mannen hebben óók een psoas. Mannen hebben óók diepe stabiliteit, spanning en emotionele lading in dat gebied.
Hoewel de psoas bij mannen en vrouwen anatomisch vrijwel hetzelfde is, wordt hij in het lichaam vaak anders ervaren. Niet omdat de spier anders gebouwd is, maar omdat hormonen, anatomie en emotionele patronen de werking en beleving ervan beïnvloeden.
Bij vrouwen beweegt de psoas mee met de hormonale cyclus. Schommelingen rond menstruatie, ovulatie of stresshormonen kunnen de spier gevoeliger of gespannener maken.
Mannen hebben geen vergelijkbare maandelijkse hormonale fluctuaties, waardoor de spanningstoestand van hun psoas doorgaans constanter blijft.
De vrouwelijke bekkenstructuur is breder en anders gevormd, wat subtiel invloed heeft op hoe de psoas samenwerkt met de bekkenbodem en heupen.
Bij mannen is het bekken smaller en compacter, waardoor de bewegingsdynamiek van de psoas net iets anders uitpakt — niet beter of slechter, maar anders georganiseerd.
De psoas reageert sterk op het emotionele systeem.
Veel vrouwen slaan spanning, stress of angst sneller op in het lichaam, wat zich kan uiten in een gevoelige of overactieve psoas.
Mannen ervaren die spanning vaak anders of zijn zich er minder bewust van door culturele normen rond emotionele expressie. De spanning is er wel, maar wordt minder snel herkend.
Samengevat kunnen we stellen dat de psoas dezelfde spier is bij vrouwen en mannen, maar wordt anders beïnvloed door hormonen, anatomie en emotionele patronen. Daardoor kan de beleving, spanning en gevoeligheid verschillen niet door de spier zelf, maar door het systeem waarin hij functioneert.
Dus het idee dat “bekkenwerk” vooral iets vrouwelijks is, komt niet voort uit anatomie, maar uit cultuur. Het bekken wordt vaak automatisch gekoppeld aan seksualiteit, vruchtbaarheid en vrouwelijke energie.
Daardoor lijkt het alsof “zakken in het bekken” een soort innerlijke vrouwentaal is. Maar anatomisch gezien is het bekken simpelweg een centrale structuur die bij iedereen — man, vrouw, non-binair — stabiliteit, kracht, balans en veiligheid bepaalt.
Wanneer mensen zeggen dat ze “in het bekken zakken”, vraag ik vaak: Hoe voel je dat precies? Wat gebeurt er in je lichaam?
En dan blijkt dat het meestal een mentale oefening is: een visualisatie, een intentie, een gedachte. Niet een daadwerkelijke lichamelijke ervaring.
Want hier komt de crux: met een overactieve, gespannen of verzwakte psoas kun je niet zakken in je bekken.
De psoas is een diepe kernspier die de onderrug, het bekken en het bovenbeen verbindt. Als deze spier strak staat, door stress, overbelasting, trauma, angst, of simpelweg veel zitten , dan houdt hij het hele systeem omhoog. Je kunt dan wel denken dat je zakt, maar het lichaam blijft in een soort interne “opgetilde” staat.
Het resultaat is dat je ‘mentaal’ zakt, maar niet lichamelijk, je voelt geen echte gronding en verbinding, je blijft denken in je hoofd dat je ‘zakt’, maar je hebt er geen idee van hoe dat van binnenuit voelt.
Waarom wordt het bekken zo vaak aan seksualiteit gekoppeld?
Omdat het bekken anatomisch de plek is waar seksuele organen liggen, wordt elke sensatie in dat gebied snel geïnterpreteerd als “iets seksueels”. Maar dat is een misvatting die veel lichaamswerk in de weg zit.
Het bekken is óók de basis van je wervelkolom, het centrum van je houding, de plek waar je diepe stabiliteit ontstaat, een knooppunt van zenuwen, fascia en ademhalingspatronen, een gebied dat sterk reageert op stress en veiligheid.
De psoas is bovendien verbonden met het autonome zenuwstelsel. Dat betekent dat spanning in de psoas niet alleen met seksualiteit te maken heeft, maar vaak met veiligheid, stress, angst, overprikkeling of oude emotionele patronen.
Het koppelen van bekkenwerk aan seksualiteit is dus eerder cultureel dan anatomisch. Het maakt het onderwerp kleiner, terwijl het juist breed, diep en fundamenteel is.
Werkelijk zakken in het bekken gebeurt pas wanneer de psoas ontspannen is, wanneer het zenuwstelsel veiligheid ervaart, de ademhaling dieper en rustiger is en verbonden met je hele wezen, je buikcentrum ontspannen en zacht is, de bekkenbodem niet compenseert en het lichaam zwaartekracht toelaat.
Dat is geen mentale oefening, maar een fysiologische gebeurtenis.
Je voelt het pas wanneer het lichaam het toelaat en niet wanneer je het bedenkt.
Het is daarom ook belangrijk om het bekken uit een eenzijdige “vrouwelijke hoek” te halen. Het bekken is geen symbool, geen metafoor, geen spiritueel domein dat alleen voor vrouwen toegankelijk is. Het is een anatomische realiteit die bij iedereen een rol speelt in stabiliteit, kracht, emotie en veiligheid.
Merkwaardig is dat ik daar weinig mannen over hoor spreken of dat we dat zelf als vrouw amper onder de aandacht brengen.
Dus ja, ik heb niet zoveel met uitdrukkingen die collectief circuleren…ik mis iets fundamenteel, daarom deze – eenvoudig tot aanzet onderzoekende- bijdrage. Uit de praktijk.
De psoas is een van de meest invloedrijke spieren in ons lichaam, maar krijgt vaak een bijna mythische reputatie als “vrouwenspier”. Dat komt vooral omdat ze vaak wordt besproken in de context van bekkenbodem, zwangerschap en hormonale veranderingen. In werkelijkheid is de psoas even belangrijk voor mannen als voor vrouwen — en ligt hij bij beiden exact op dezelfde plek. De spier begint hoog in de onderrug, waar hij zich vasthecht aan de lendenwervels en zelfs verbinding maakt met het middenrif . Van daaruit loopt hij diep door het bekken, waar de fascia versmelt met de bekkenbodem. Onderaan vormt hij samen met de iliacus de iliopsoas, die aan de binnenkant van het dijbeen hecht.
Door die unieke route is de psoas tegelijk een heupbuiger, een stabilisator van de wervelkolom en een belangrijke schakel in het diepe core-systeem. Hij helpt de wervels te stabiliseren door lichte compressie te geven en vormt een soort “muur” die de heupkop mooi in de kom houdt.
Kort gezegd: de psoas is een diepe krachtspier die onze houding, ademhaling, bekkenbodem en heupgezondheid ondersteunt — bij iedereen. Als hij gespannen aanvoelt, is dat vaak een teken dat ergens anders in het systeem een spier niet goed meewerkt . Daarom is de psoas geen spier die je zomaar moet “losmaken”, maar een spier die vraagt om een geïntegreerde blik op het hele lichaam.
De psoas-spier (uitgesproken als ‘so-as’) is wellicht de belangrijkste spier in je lichaam. Zonder deze essentiële spiergroep zou je ‘s ochtends niet eens je bed uit kunnen komen! Of je nu hardloopt, fietst, danst, aan yoga doet of gewoon lekker op de bank hangt: je psoas-spieren zijn erbij betrokken. Dat komt doordat ze de belangrijkste verbinding vormen tussen je romp en je benen. Ze beïnvloeden je houding en helpen je wervelkolom te stabiliseren.
De psoas-spieren bestaan uit zowel trage en snelle spiervezels. Omdat het belangrijke buigers zijn, kunnen zwakke psoas-spieren ertoe leiden dat omliggende spieren gaan compenseren en overbelast raken. Daarom kan een verkorte of juist overrekte psoas-spier de oorzaak zijn van allerlei klachten, waaronder pijn in de onderrug en het bekken.
Bewegingen die je psoas-spieren kunnen belasten, zijn onder meer staan en vanuit de taille draaien zonder je voeten te verplaatsen (denk aan ouderwetse gymnastiekoefeningen), bewegingen waarbij je been naar buiten draait terwijl het gestrekt is (zoals beenheffingen in balletstijl of *battements*), en zelfs het doen van te veel sit-ups (je psoas-spieren nemen de tweede helft van een sit-up voor hun rekening).
Jammer is dat veel experts de complexiteit van de psoas-spieren niet volledig dorogronden, waardoor mensen vaak een verkeerde diagnoste of behandeling krijgen. Het vaststellen van psoas-problemen kan lastig zijn, omdat de spier zich diep in het lichaam bevindt
Qua structuur zijn je psoas-spieren de diepst gelegen spieren van je rom (‘core’ . Ze lopen van de twaalfde borstwervel en de vijfde lendenwervel, door het bekkengebied, naar hun aanhechting op de dijbeenderen. Het zijn zelfs de enige spieren die je wervelkolom met je benen verbinden.
Dankzij je psoas-spieren kun je je heupen en benen naar je borst toe buigen, bijvoorbeeld wanneer je de trap oploopt. Ook helpen ze je been naar voren te bewegen tijdens het wandelen of hardlopen. Deze zelfde spieren buigen je romp naar voren wanneer je bukt om iets van de grond op te pakken. Ze stabiliseren ook je romp en wervelkolom tijdens beweging en wanneer je zit.
De psoasspieren ondersteunen je inwendige organen en werken als hydraulische pompen, waardoor bloed en lymfevocht in en uit je cellen worden gepompt. Ze zijn niet alleen essentieel voor je fysieke welzijn, maar ook voor je psychische welzijn, vanwege hun verbinding met je ademhaling.
Dit komt doordat twee pezen van het middenrif naar beneden lopen en aan de wervelkolom hechten, vlak naast de aanhechtingspunten van de psoasspieren.
Een van de banden (de *ligamentum arcuatum mediale*) loopt om de bovenkant van elke psoas spier heen. Daarnaast zijn het middenrif en de psoasspieren met elkaar verbonden via fascia (bindweefsel), die ook in verbinding staat met andere heupspieren. Deze verbindingen tussen de psoasspier en het middenrif koppelen letterlijk je vermogen om te lopen en te ademen aan de manier waarop je reageert op angst en opwinding.
Wanneer je schrikt of onder stress staat, trekt je psoas samen. Met andere woorden: je psoas heeft een directe invloed op je vecht-of-vluchtreactie!
Bij langdurige stress blijft je psoas voortdurend aangespannen. Dezelfde spanning treedt op wanneer je langdurig zit, overmatig hardloopt of wandelt, in foetushouding slaapt of veel sit-ups doet. Al deze activiteiten zorgen voor compressie aan de voorzijde van de heup en verkorten de psoasspier.
Maar dat betekent niet automatisch dat je je psoas moet oprekken als je pijn hebt aan de voorzijde van je heupgewricht. Sterker nog: afhankelijk van je situatie kan het oprekken van de psoas juist meer kwaad dan goed doen!
Het is belangrijk om te weten of je psoas kort en strak is – en dus opgerekt moet worden – of dat de spier zwak en overrekt is en juist versterkt moet worden.
Bij een strakke (of verkorte) psoas-spier kun je pijn ervaren in de onderrug of heupen, vooral bij het optillen van je benen. Dit komt doordat de spier druk uitoefent op de tussenwervelschijven in de lendenstreek. Het oprekken van de spieren en het verminderen van de spanning op de psoas is de beste manier om dit te voorkomen. Het vergt tijd en dagelijkse aandacht om de psoas-spieren ontspannen, soepel en sterk te houden.
Hoewel de meeste mensen met psoas-klachten last hebben van strakke psoas-spieren, zijn er ook mensen bij wie deze spieren juist overrekt zijn. Als je in dat geval de psoas gaat rekken terwijl deze al overrekt is, vererger je de problemen alleen maar.
Hier zijn 7 manieren om te herkennen of je een disbalans in de psoas-spier hebt:
1. Verschil in beenlengte. Een strakke psoas-spier kan ervoor zorgen dat je bekken naar voren kantelt. Dit kan op zijn beurt leiden tot een interne rotatie van het been aan de aangedane kant.
Het andere been zal naar buiten draaien (externe rotatie) om dit te compenseren. Hierdoor lijkt het aangedane been langer; bij elke stap wordt het been als het ware omhoog in de heupkom geduwd. Dit kan leiden tot een functioneel beenlengteverschil.
2. Knie- en onderrugpijn. Als je knie- of onderrugpijn ervaart zonder duidelijke oorzaak, kan dit afkomstig zijn van de psoas-spieren. Wanneer het dijbeen door een strakke psoas-spier als het ware vastzit in de heupkom, kan er geen rotatie in het gewricht plaatsvinden. Dit kan leiden tot torsiekrachten in de knie en onderrug.
3. Houdingsproblemen. Als de psoas te kort of strak is, kan deze het bekken naar voren kantelen (anterior tilt), waardoor de wervelkolom wordt samengedrukt en er een holle rug (hyperlordose) of ‘eendenkont’ ontstaat. Als de psoas overrekt of zwak is, kan de natuurlijke kromming van de lendenwervels afvlakken, wat leidt tot een ‘platte bil’. Deze verkeerde uitlijning kenmerkt zich door strakke hamstrings die aan de zitbeenderen trekken; hierdoor verliest het heiligbeen zijn natuurlijke kromming en vlakt de lendenwervelkolom af. Dit kan leiden tot blessures in de onderrug, met name aan de tussenwervelschijven. Ook kun je pijn voelen aan de voorzijde van de heup.
Tot slot kunnen de psoas-spieren zowel strak als overrekt zijn. In dat geval wordt het bekken naar voren getrokken, voorbij het zwaartepunt van het lichaam, waardoor een holle rug (hyperlordose) en een naar voren stekende houding van het hoofd ontstaan.
4. Moeizame stoelgang. Een gespannen psoas-spier kan bijdragen aan of zelfs de oorzaak zijn van obstipatie. Een uitgebreid netwerk van lendenzenuwen en bloedvaten loopt door en rond de psoas-spieren. Spanning in deze spieren kan de bloedtoevoer en zenuwimpulsen naar de bekkenorganen en benen belemmeren. Bovendien verkort de romp bij een gespannen psoas, waardoor er minder ruimte is voor de inwendige organen. Dit beïnvloedt de opname van voedingsstoffen en de stoelgang, en kan zo bijdragen aan zowel obstipatie als seksuele disfunctie.
5. Menstruatiepijn. Een disbalans in de psoas-spieren kan mede verantwoordelijk zijn voor menstruatiepijn, doordat er extra druk op de voortplantingsorganen wordt uitgeoefend.
6. Borstademhaling. Een gespannen psoas-spier kan ervoor zorgen dat de borstkas naar voren wordt geduwd. Dit leidt tot een oppervlakkige borstademhaling, waardoor de zuurstofopname beperkt wordt en de nekspieren overbelast raken.
7. Gevoel van uitputting. De psoas-spieren vormen een soort ‘plankje’ waarop de nieren en bijnieren rusten. Bij een juiste ademhaling beweegt het middenrif en masseren de psoas-spieren deze organen zachtjes, wat de bloedsomloop stimuleert. Wanneer de psoas-spieren echter uit balans raken, geldt dit ook voor de nieren en bijnieren, wat kan leiden tot fysieke en emotionele uitputting.
Volgens Liz Koch, auteur van ‘Psoas, De spier van de ziel’ Symbool voor de verbinding tussen lichaam, is de psoas zelfs zo nauw verbonden met fundamentele fysieke en emotionele reacties, dat een chronisch gespannen psoas je lichaam voortdurend het signaal geeft dat je in gevaar bent; dit put uiteindelijk de bijnieren uit en verzwakt het immuunsysteem.
* Tips om je psoas-spieren gezond en soepel te houden:
Sporten, zitten in je favoriete stoel, het dragen van schoenen en zelfs niet volledig genezen fysieke of emotionele blessures kunnen leiden tot een disbalans in je psoas-spieren. Door het evenwicht te herstellen, vergroot je je bewegingsvrijheid en verminder je pijnklachten. Bovendien voel je je meer gegrond en ontspannen!
* Enkele tips om de balans te herstellen:
* Vermijd langdurig zitten. Als je voor je werk of om andere redenen moet zitten, doe dit dan met een goede houding en zorg ervoor dat je heupen zich op gelijke hoogte met of iets hoger dan je knieën bevinden. Het is raadzaam om tijdens het zitten een in de lengte opgevouwen handdoek onder je heupen te leggen. Hierdoor kantelt het bekken zodanig dat de hamstrings worden verlengd en de psoas-spieren ontspannen. Vermijd kuipstoelen en stoelen die geen steun bieden aan de onderrug. Probeer elk uur even op te staan en te bewegen.
* Zorg voor extra steun in je autostoel. Gebruik een opgerolde handdoek onder je zitbotjes en/of achter je onderrug (lumbale wervelkolom) om de psoas en de heupgewrichten ontspannen te houden. Als je lange afstanden aflegt, stop dan elke drie uur om te stretchen en tien minuten rond te lopen.
* Matig intensieve trainingsroutines. Ik bedoel niet dat je helemaal moet stoppen of er voorgoed mee moet ophouden.
Maar als je aan powerwalking, langeafstandslopen of sprinten doet, of veel sit-ups maakt, is het verstandig om je trainingen af te wisselen.
* Probeer flexibiliteitsoefeningen met weerstand. Dit soort oefeningen kan wonderen doen voor je fascia (bindweefsel). Om je psoas te versterken, ga je op je rug liggen met je heupen tegen de muur, vlak naast een deuropening. Til één been gestrekt op, zodat het tegen de muur rust. (Je andere been steekt door de deuropening naar buiten.)
Buig je gestrekte been en breng je gebogen knie richting je borst, terwijl je met je handen de beweging vertraagt en weerstand biedt. Doe dit terwijl je tegelijkertijd je opgetilde been tegen de muur duwt. Keer vervolgens de beweging van je gebogen been om. Terwijl je het been weer strekt, blijf je weerstand bieden met je handen door tegen je been te duwen terwijl dit zich verzet.
* Laat je professioneel masseren vb via Posturale Integratie, Reichiaans Lichaamswerk, Emotioneel lichaamwerk. Een massage door een ervaren behandelaar kan helpen om een gespannen psoas-spier te ontspannen.
Houd er rekening mee dat deze behandeling niet altijd even comfortabel is, maar wel zeer heilzaam kan zijn. De eerste keer dat mijn psoas spier gemasseerd werd met P.I, tijdens de opleiding Bio-Energetisch- Emotioneel Lichaamswerk, voelde dit vrij pijnlijk. Een behandeling of een massage wordt heel kundig begeleid, omdat je ook je ademhaling dient te reguleren. Laat dit dus ajb in handen van een professioneel kundig ervaren therapeut.
* Regelmatige myofasciale release helpt zelfs om je psoas – en al je andere spieren – soepel te houden. Ook begeleid stretchen (bijvoorbeeld met een ‘resistance flexibility’-trainer) en yoga zijn uitstekende manieren om de balans in je psoas te herstellen.
* Neem rust in de ‘constructive rest’-houding. Deze houding (ook wel CRP genoemd) kan spanning in de onderrug, het bekken en de heupen verlichten en helpt je hele lichaam in een neutrale stand te komen. Hoe doe je dit?
Ga op je rug liggen met je knieën gebogen en je voeten op heupbreedte, parallel aan elkaar, op de grond. Plaats je hielen op een comfortabele afstand van je billen (ongeveer 40 centimeter).
Duw je onderrug niet in de grond en kantel je bekken niet. Laat je armen op je buik rusten. Laat de zwaartekracht het werk doen. Door dit dagelijks 10 tot 20 minuten te doen, verminder je de spanning in je psoas-spieren en help je de neurobiologische ritmes te herstellen die zorgen voor rust en verfrissing.
Let op je bekken! De lengte van de psoas bepaalt of je bekken vrij kan bewegen. Om te bepalen of je psoas-spieren gespannen of juist overrekt zijn, kun je zijwaarts voor een spiegel gaan staan (of nog beter: laat een vriend een foto van je zijkant maken).
Let op de stand van je bekken. Als je een lijn langs je bekken zou trekken van achter naar voren, zou die lijn vrij recht moeten zijn. Als de lijn naar beneden helt, is je bekken naar voren gekanteld (anterieure rotatie). Dit kan betekenen dat je psoas-spieren kort en gespannen zijn. Als de lijn omhoog loopt, is je bekken naar achteren gekanteld. Dit kan betekenen dat je psoas-spieren overrekt en zwak zijn.
Laat stress en trauma’s uit het verleden los. We slaan stress op in ons lichaam. Spanning in de heupen komt veel voor en wordt meestal niet alleen veroorzaakt door levensstijl, leeftijd of fysieke voorvallen zoals blessures of ongelukken.
Het komt ook voort uit mentale stress en onverwerkte trauma’s. Dagelijks stress loslaten kan helpen je psoas gezond te houden.
Maak een ontspannen wandeling. Neem een bad met Epsom-zout. Erken je emoties, uit ze en laat ze los. Goddelijke liefde is een geweldige manier om te genezen van trauma’s uit het verleden. En tot slot: ga eropuit en doe elke dag iets leuks!
* * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *
Gebruik pandiculatie om je psoas en al je spieren te herstellen
Pandiculatie, ofwel actief rekken, is een somatische beweging die we meestal associëren met gapen – vooral bij het ontwaken – maar het is veel meer dan dat. Pandiculatie is eigenlijk het ‘waarschuwingssignaal’ van je zenuwstelsel om wakker te worden. Het wordt zelfs de ‘resetknop van de natuur’ genoemd, omdat het je sensomotorische systeem voorbereidt op beweging. Bovendien is pandiculatie essentieel voor het goed functioneren van je volledige bewegingsapparaat.
Als je wel eens hebt gezien hoe een kat of hond beweegt na het ontwaken, is het je vast opgevallen dat ze hun rug krommen en hun buik laten zakken terwijl ze hun poten strekken. In yoga noemen we dit soms de ‘kat-koe’-houding, maar je hond of kat is eigenlijk aan het pandiculeren. Ook mensen pandiculeren automatisch bij het wakker worden of na een periode van stilzitten. Zelfs bij foetussen in de baarmoeder is dit gedrag al waargenomen; het zit dus diep verankerd in ons zenuwstelsel.
Zachte somatische bewegingspatronen die gebruikmaken van pandiculatie kunnen je hersenen en spieren opnieuw trainen, zodat je spieren soepeler bewegen. Pandiculatie werkt door biofeedback naar je hersenen te sturen over de mate van spierspanning. Bij regelmatige toepassing helpt pandiculatie chronische spierspanning te voorkomen, de spierfunctie te herstellen en zelfs korte, overmatig gespannen spieren te verlengen.
Het voorkomen van spierspanning is cruciaal voor een gezonde houding en soepele beweging. Het mooie is dat je deze somatische bewegingen thuis kunt leren om pijn door gespannen spieren – waaronder de psoas – te verlichten.
Een pandiculatie bestaat uit drie stappen:
1. Aanspannen. Span de gespannen spieren voorzichtig aan. Stel je bijvoorbeeld voor dat je last hebt van gespannen monnikskapspieren (trapezius) en pijnlijke nek- en schouderspieren. Je kunt dan je monnikskapspieren aanspannen en je schouders richting je oren optrekken.
2. Verlengen. Verleng langzaam de spieren die je zojuist hebt aangespannen. In het geval van je schouders: trek ze langzaam omlaag, weg van je oren. Doe dit op een gecontroleerde manier.
3. Ontspannen. Ontspan de spieren volledig. Wanneer je de spieren ontspant die je zojuist hebt aangespannen en verlengd, verwerkt je brein de nieuwe feedback. Dit helpt je brein te onthouden dat die spieren niet vast hoeven te blijven zitten.
Begin met het aanspannen en weer loslaten van één spier tegelijk, ga vervolgens over op een kleine groep spieren en stap uiteindelijk over op grotere bewegingen waarbij veel spieren of zelfs je hele lichaam betrokken zijn.
Iedereen kan aan pandiculatie doen. Sommige bewegingsvormen, zoals yoga en ‘resistance flexibility’, maken zelfs gebruik van pandiculatie.
Je kunt online specifieke bewegingspatronen voor pandiculatie vinden of op zoek gaan naar een les of workshop in somatisch bewegen. Je kunt pandiculatie heel eenvoudig thuis in slechts vijf minuten uitvoeren. Of je doet het wel veertig tot vijftig keer per dag – net als je hond of kat!
* Heb je last van het psoas-syndroom?
Hoewel de meeste mensen met een disbalans in de psoas-spier kunnen herstellen door middel van de eerder genoemde oefeningen, zijn er mensen die lijden aan het psoas-syndroom. Dit is een pijnlijke aandoening die vaak verkeerd wordt gediagnosticeerd, omdat de symptomen lastig te onderscheiden zijn van andere oorzaken van rug- en heuppijn.
Het is niet ongebruikelijk dat mensen met het psoas-syndroom talloze artsen en onderzoeken doorlopen, vaak zonder dat dit tot een eenduidige diagnose leidt. Hoewel het psoas-syndroom vaker voorkomt bij sporters, lopen ook mensen met een zittend beroep of een zittende levensstijl risico.
Omdat het pijnpatroon van het psoas-syndroom lijkt op dat van andere, mogelijk ernstige aandoeningen, zullen artsen andere oorzaken van de pijn willen uitsluiten.
Een aandoening die op het psoas-syndroom kan lijken, is een hernia (van de tussenwervelschijf).
Hierbij wordt een deel van de zachte, geleiachtige kern van de tussenwervelschijf door een zwakke plek in de schijf naar buiten geduwd.
Andere aandoeningen die op het psoas-syndroom kunnen lijken, zijn onder meer heupartrose, bursitis (slijmbeursontsteking) bij het dijbeen, peesontsteking in de heup, diverticulitis, salpingitis (ontsteking van de eileiders), urineleiderstenen en zelfs darmkanker.
* Wanneer kun je vermoeden dat je het psoas-syndroom hebt?
Mensen met het psoas-syndroom vertonen vaak dezelfde symptomen.
Het belangrijkste symptoom is pijn in de lumbosacrale regio (de overgang van de onderrug naar het heiligbeen) bij het zitten of staan.
Deze pijn verergert bij activiteiten waarbij de heup wordt gebogen, zoals lopen, traplopen, hurken en zitten.
Ook kun je moeite hebben om rechtop te staan. Pijn in de bilspieren is een ander veelvoorkomend symptoom, met name pijn aan de tegenoverliggende zijde die uitstraalt naar het andere been. Deze pijn stopt doorgaans bij de knie. Ook pijn in de onderbuik, de lies, de bekkenkam en het bovenbeen of been komt vaak voor.
Als je last hebt van deze symptomen, is het belangrijk om een arts te raadplegen om andere aandoeningen en blessures uit te sluiten.
Mogelijk zijn een lichamelijk onderzoek van je rug en heup en aanvullende diagnostische tests nodig.
Als bij jou het psoas-syndroom is vastgesteld, zoek dan een behandelaar die ervaring heeft met toegepaste kinesiologie en biomechanica, en die eventuele bekkenafwijkingen, gewrichtsbeperkingen, voetpronatie en disbalans in heupen en knieën kan aanpakken.
Ook sommige chiropractoren, lichaamstherapeuten gespecialiseerd in Posturale Integratie, en eventueel massagetherapeuten hebben ervaring met de behandeling van het psoas-syndroom; zij gebruiken specifieke technieken – zoals het vrijmaken van gewrichten, ‘soft tissue release’, ‘cross-fiber’-massage, ‘muscle energy’-technieken en PNF-rekoefeningen (proprioceptieve neuromusculaire facilitatie) – om de symptomen te verlichten.
De behandeling van de psoas spier door een therapeut omvat verschillende technieken die gericht zijn op het indirect ondersteunen van ontspanning en functionaliteit.
Enkele van de methoden die worden toegepast
– Psoas release-technieken: Dit houdt in dat het lichaam in ontspanning wordt gebracht en de psoas zichzelf loslaat.
– Fasciaal werk: Dit is zachte technieken die de bindweefsellagen rondom de psoas versoepelen.
– Ademtherapie: Dit richt zich op ontspanning van het middenrif en daarmee indirect de psoas.
– Core stability training: Dit versterkt de omliggende spieren om de psoas te ontlasten.
– Lichaamsgerichte therapie: Dit aandacht voor de emotionele component die bij veel psoas-spanning meespeelt.
Wil je meer lezen over Posturale Integraitie?
https://www.bodymind-integration.com/…/postural…
( Dirk was 30 jaar geleden mijn therapeut en intervisor tijdens mijn opleiding ELW- en groepen geassisteerd, na vooraf jaren zelf de basis en doorwerkgroepen te hebben gevolgd).
Deze methoden respecteren de diepgang en gevoeligheid van de psoas en zorgen voor een duurzamer herstel. Het is belangrijk dat de therapeut ervaren is in diepe weefseltechnieken om directe aanraking van de psoas te kunnen toepassen. Het principe blijft: zacht, langzaam, afgestemd. Nooit forceren.
De psoas is geen spier die je even “losmaakt” zoals een stijve schouder of een verkrampte kuit. Deze diepliggende kernspier reageert op veel meer dan alleen fysieke belasting: hij luistert naar je zenuwstelsel, je adem, je stressniveau en zelfs naar oude emotionele patronen. Daarom werkt een voorzichtige, afgestemde benadering vaak beter dan elke vorm van directe manipulatie.
Wanneer de psoas gespannen raakt, is dat zelden een geïsoleerd probleem. Het is meestal een signaal dat het hele systeem — lichaam én zenuwstelsel — ondersteuning nodig heeft. Een aanpak die alleen op de spier focust, mist de bredere context waarin de spanning is ontstaan.
Echte ontspanning ontstaat wanneer je het lichaam uitnodigt om te verzachten, niet wanneer je het dwingt. Zachte ademhaling, subtiele aanraking, rust in de buik en functionele bewegingen creëren de veiligheid waarin de psoas vanzelf kan openen. Soms is het juist de keuze om minder te doen die het lichaam de ruimte geeft om zelf te herstellen.
Dat is een hele lap om te lezen, lees het blog dan ook op een rustige manier.
Het is enerzijds informatief en anderzijds praktisch.
Weten is één ding, toepassen is waar het toch telkens om gaat.
Veel liefs, Mieke ![]()
![]()